Maar ik poets toch goed? – waarom flossen toch verschil maakt
Stel je voor: je hebt net je tanden gepoetst, twee minuten lang met een elektrische tandenborstel, en je voelt je fris en schoon. Dan zegt je tandarts: “Je moet wel blijven flossen.” Je fronst. *Waarom zou dat nog moeten?* Je poetst toch al keurig twee keer per dag? Volgens een rapport van het Kennisinstituut Mondzorg (KIMO) uit 2023 blijkt echter dat tot wel 40% van de tandplak tussen de tanden blijft zitten – ook na zorgvuldig poetsen. Die plekken bereik je simpelweg niet met een tandenborstel.
Flossen klinkt voor velen als een extra klusje in een toch al drukke routine. En eerlijk is eerlijk: het voelt zelden als een direct resultaat opleverende handeling. Maar achter dat kleine stukje draad of die plastic rager zit een wereld van preventie en gezondheidswinst verborgen. Flossen helpt niet alleen om tandvleesontstekingen te voorkomen, maar is ook gelinkt aan betere algehele gezondheid, waaronder hart- en vaatziekten. Dat is niet zomaar een bewering – het wordt ondersteund door onderzoeken van onder meer de Nederlandse Vereniging voor Parodontologie (NVvP).
In dit artikel duiken we dieper in de wereld van flossen. Waarom is het zo belangrijk? Wat gebeurt er als je het structureel overslaat? En zijn er ook alternatieven voor mensen die moeite hebben met het klassieke flosdraadje? Verwacht heldere uitleg, slimme tips en inzichten die jouw mondhygiëne naar een hoger niveau tillen.
Tussen de tanden: waarom poetsen niet genoeg is
Om te begrijpen waarom flossen een noodzakelijke aanvulling op poetsen is, moeten we eerst naar de basis: tandplak. Dit is een zachte, kleverige laag bacteriën die zich dagelijks op onze tanden vormt. Als deze plak niet wordt verwijderd, kan het verharden tot tandsteen en leiden tot ontstekingen zoals gingivitis en parodontitis.
Hoewel tandenpoetsen de voor- en achterkant van de tanden prima schoonmaakt, blijven de ruimtes tussen de tanden vaak ongemoeid. Volgens tandarts-onderzoeker dr. Els van der Sluijs van het ACTA (Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam) kun je met poetsen slechts zo’n 60% van het tandoppervlak reinigen. De overige 40%? Die zit verstopt tussen je tanden en kiezen.
Flossen – of een alternatieve interdentaal reiniging zoals ragers of tandenstokers – pakt die vergeten plekken wél aan. Denk aan het verschil tussen een kamer vegen en de hoeken negeren. Die hoeken lijken misschien schoon, maar daar verzamelt zich stof – en in je mond: bacteriën.
Een ander belangrijk punt: tussen de tanden begint vaak het eerste stadium van tandvleesontsteking. Vroege signalen zoals bloedend tandvlees worden vaak niet serieus genomen. Maar juist daar begint het proces dat – indien genegeerd – kan leiden tot terugtrekkend tandvlees en uiteindelijk zelfs tandverlies.
Goed poetsen is dus de basis, maar pas met flossen maak je het plaatje compleet.
Waarom het verschil écht wordt gemaakt tussen de maaltijden
Wat maakt flossen dan zo effectief – en waarom wordt het zo vaak genegeerd? Er zijn een paar opvallende factoren die samen het verhaal compleet maken:
- Onzichtbare schade: Veel schade tussen de tanden wordt pas zichtbaar tijdens de halfjaarlijkse controle – als het eigenlijk al te laat is. Flossen helpt om die schade voor te zijn.
- Laagdrempelige investering: Flossen kost geen minuten, maar seconden. Het is goedkoop, makkelijk mee te nemen en past zelfs in de drukste ochtendroutine – als je er eenmaal aan gewend bent.
- Gezondheidseffecten buiten de mond: Onderzoek van het UMCG (Universitair Medisch Centrum Groningen) toont verbanden tussen parodontitis en aandoeningen als diabetes en hartziekten. Het is geen directe oorzaak-gevolgrelatie, maar bacteriën uit de mond kunnen wel bijdragen aan ontstekingen elders in het lichaam.
Een fictief voorbeeld: neem Maaike, 38, moeder van twee en werkzaam als verpleegkundige. Ze dacht altijd dat tweemaal daags poetsen voldoende was, totdat ze op een controle hoorde dat ze parodontitis had ontwikkeld. “Ik had geen pijn, alleen af en toe bloedend tandvlees,” vertelt ze. Sinds ze dagelijks flost, is de ontsteking onder controle en voelt ze zich “niet alleen frisser, maar ook gezonder”.
Het verschil tussen oppervlakkige verzorging en duurzame mondgezondheid zit in die paar extra minuten zorg – tussen de tanden.
De misverstanden die flossen in de weg staan
Waarom flossen we dan niet allemaal trouw elke avond? Simpel: er bestaan veel misverstanden die ons ontmoedigen. Hier zijn een paar hardnekkige mythes:
“Flossen is pijnlijk en zorgt voor bloedend tandvlees.”
In werkelijkheid is bloedend tandvlees vaak een teken dat je moet flossen – niet dat je moet stoppen. Bij gezond tandvlees stopt het bloeden na een paar dagen consequente verzorging. Vergelijk het met sporten: spierpijn na de eerste training betekent niet dat je moet stoppen, maar dat je juist bezig bent met herstel en opbouw.
“Ik gebruik een elektrische tandenborstel, dus flossen is overbodig.”
Elektrisch poetsen is effectiever dan handmatig, maar zelfs de beste borstel bereikt de smalle ruimtes tussen de tanden niet volledig. Het is net als een hogedrukspuit zonder borstel: krachtig, maar niet allesomvattend.
“Tandenstokers zijn voldoende voor mij.”
Dat hangt af van de ruimte tussen je tanden. Voor sommigen werken tandenstokers uitstekend, terwijl anderen meer baat hebben bij ragers of flosdraad. Een mondhygiënist kan je helpen ontdekken wat voor jou het beste werkt.
De sleutel is niet welk hulpmiddel je gebruikt, maar dát je iets gebruikt tussen de tanden.
Een toekomst zonder gaatjes? Het kan wél
De aandacht voor mondgezondheid groeit. Niet alleen dankzij tandartsen, maar ook door een bredere maatschappelijke trend waarin preventieve zorg steeds belangrijker wordt. Denk aan wearables die slaap, hartslag en stress meten – waarom zou je je mondgezondheid dan links laten liggen?
De toekomst van mondverzorging lijkt ook slimmer te worden. Denk aan apps die je herinneren te flossen, elektrische flosapparaten zoals waterflossers, en AI-gestuurde spiegels die tandplak visueel detecteren. Volgens onderzoek van Philips (2024) zal de markt voor geautomatiseerde mondhygiëneproducten de komende vijf jaar verdubbelen.
Maar technologie is slechts een hulpmiddel. De echte verandering begint bij bewustwording. Wie van jongs af aan leert dat flossen erbij hoort, zal dat gedrag waarschijnlijk blijven volhouden. Scholen en ouders spelen hierin een sleutelrol, net als tandartspraktijken die meer inzetten op voorlichting.
Flossen is misschien niet sexy, niet ‘trendy’, maar het is een kleine gewoonte met een groot effect. Als we die gewoonte normaliseren, kunnen we op termijn een generatie creëren die minder last heeft van tandproblemen – en daarmee gezonder en zelfverzekerder leeft.